'Manier van lesgeven en van toelating rijschool heeft geen invloed op verkeersveiligheid'
ActueelDat in een aantal Europese landen de rijscholenbranche anders is gestructureerd zegt niets over de manier waarop nieuwe chauffeurs zich in het verkeer bewegen. Anders gezegd: de manier waarop rijschoolhouders worden toegelaten in de branche en waarop rijles wordt gevolg (als die al wordt gevolg) heeft geen invloed op de verkeersveiligheid.
Dit schrijft de SWOV in een rapport waarin het Nederlandse rijschoolsysteem wordt vergeleken met dat in Duitsland, België en het Verenigd Koninkrijk. Hier had minister Schultz van Haegen van Infrastructuur en Milieu om gevraagd.
Tussen de vier landen bestaan grote verschillen als het om de rijopleiding gaat. In Duitsland is veel geregeld, maar in het Verenigd Koninkrijk is juist weinig geregeld. Vooral de bevindingen over het Duitse model zijn interessant, aangezien Roger Keijbeck, voorzitter van BOVAG Rijscholen, dit altijd aanhaalt als een voorbeeld van hoe het ook in Nederland zou moeten werken. Leerlingen moeten in Duitsland een minimumaantal theorie- en praktijklessen hebben gevolgd voordat ze rijexamen mogen doen en rijinstructeurs dienen een opleiding in rijschoolmanagement te hebben gevolgd en eerst twee jaar als rijinstructeur in loondienst te hebben gewerkt, voordat ze zich mogen vestigen als zelfstandig rijschoolhouder. In het Verenigd Koninkrijk kan men in het bezit komen van het rijbewijs zonder één rijles bij een erkende rijschool te hebben gevolgd. “Rijles door leken komt in het Verenigd Koninkrijk veel voor, al nemen bijna alle leerlingen ook rijles bij een erkende rijschool”, aldus de SWOV.
Op basis van deze bevindingen is de kans niet heel groot dat de bewindsvrouw gaat kiezen voor invoering van het Duitse systeem, waarvoor BOVAG Rijscholen pleit. Zij is er groot voorstander van dat de branche de eigen boontjes dopt en is tegenstander van teveel toelatingsdrempels.













